Hang naar het noorden

3 mrt 2024 | #wimst

Vroeger had ik het vaker. Had ik drang naar het noorden. Nam ik midden in de week een sabatical van een dag. Reed ik in alle vroegte – fiets op de auto – via Zwolle naar Emmen en verder noordwaarts. Een of twee keer per jaar had ik een uitje met mezelf. Vroeger deed ik het vaker. Ik had een hectischer leven toen. Maar ik doe het nog steeds wel eens.

Altijd naar het noorden. Daar heb ik plekken met herinneringen. Vooral goede herinneringen en die plekken activeren mijn gevoel. Nostalgie is een bijzonder verschijnsel. Het is het verdriet om iets dat je kwijt bent, gecombineerd met de blijdschap omdat je het je nog voor je geest kunt halen. Een tweeslachtig gevoel bij uitstek. Nee, vroeger was het niet beter, vroeger was het anders. En gelukkig weet je nog heel helder hoe.

Pas later in mijn leven begreep ik hoe diep mijn drang naar het noorden ook door mijn bloed bepaald is. De helft ervan is Gronings.

Een van die plekken is in Sellingen in Oost Groningen. In de paar jaren dat ik in het Noorden werkte en woonde kwam ik af en toe in hotel-restaurant De Hof van Sellingen, voor een kop koffie en om een paar telefoontjes te plegen. Het was in maart 1984 dat ik – na een paar zakelijke belletjes – met mijn laatste kwartje naar huis belde, om vervolgens het nieuws te horen dat ik voor het eerst vader zou worden. Dat gangetje naar de toiletten met halverwege die muntjestelefoon in De Hof van Sellingen is zo’n plek. Ik ga er deze week weer koffie drinken. En daarna een stuk wandelen langs de Ruiten Aa.

Van Sellingen ga ik via Vlagtwedde, Scheemda en Spijk naar de Eemshaven. Het noordelijkste puntje van het Nederlandse vasteland. Daar loop ik een rondje en eet ik een appeltje, in de louterende leegte van het Hogeland. Ik ga langs een bevriende galeriehouder in Uithuizen of Eenrum. We spreken elkaar soms jaren niet, maar ik ben altijd welkom. En ik ga door “Stad” fietsen, onder andere langs vriend Roeland, die deze week met een collega kunstenaar zijn zevende wereldschilderij maakt in Malpertuus. Dan is de dag wel klaar.

Telkens als ik terug naar huis rij denk ik dat het deze ronde de laatste keer was. Zoveel kilometers voor wat, voor een beetje goed gevoel? Ook deze keer zal ik dat weer denken. En de volgende keer. Misschien moet ik drang-naar het noorden vervangen door hang-naar het noorden. Hang-naar heeft mooie synoniemen, zoals zwakte, zucht en zin.

Deel dit met

3 Reacties

  1. Roeland Schweitzer

    mooi Wim.

    Antwoord
  2. Huub Koch

    Als rechtgeaarde Rotterdammer heb zelfs ik wel iets met ‘Het Noorden’. Toen ik 15 was kwam ik op de vroege vrijdagavond wel eens thuis bij de ‘rode familie Op ‘ Ende’ van mijn vriendje van de middelbare school. Daar zaten dan doorgewinterde Stalinisten Berenburger te drinken met Fré Meis.

    Goede herinneringen heb ik ook aan Bad Nieuweschans waar ik ooit enige weken een kuur heb gevolgd met mijn vrouw.

    In Friesland, bij Harlingen verzorgen mijn nicht en haar man waddentochten met hun voormalige sleepboot. Mijn schoonmoeder kwam uit Midwolda. De enige telg uit het geslacht van Van Bergen (klokkengieterij).

    Zelfs Roeland en zijn vrouw zijn geen onbekenden in Rotterdam.

    Ik zeg: geniet ervan!

    Hartelijke groeten van Huub

    Antwoord
    • Wim

      Mooi Huub, dankjewel

      Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meer:

Wachten op post

Wachten op post

Dat je zó kunt wonen. Dat je zó kunt leven. Charles en ik moeten beiden hetzelfde gedacht hebben, terwijl we rondliepen in de...

Lees meer